Ga terug

CDA-lijsttrekkerskandidaat Hugo de Jonge over de methode-De Jonge

Vicepremier Hugo de Jonge vertelt in Betrouwbare Bronnen 46 over de methode-De Jonge, de stijl die hij als wethouder hanteerde en nog steeds toepast. En ook: van wie hij heeft geleerd hoe je politiek bedrijft.

Het CDA is voor hem nog steeds een christelijke partij: "Ik hecht er ook echt aan om die duidelijke oorsprong overeind te houden. De waarden van het CDA komen uit de Bijbel. Zelfs als je die Bijbel niet meer van kaft tot kaft leest, kun je je nog steeds aangetrokken voelen door die waarden.”

Hij neemt afstand van het liberale marktdenken dat de afgelopen tientallen jaren dominant was. “Mensen maken zich zorgen. Ze vragen zich af: is de zorg er straks nog wel voor mij? Kan de overheid nog wel instaan voor mijn veiligheid? Er is angst dat het allemaal minder wordt. De overheid moet aanspreekbaar en meer beschermend zijn. Waar de marktwerking in de zorg, als uitvloeisel van het liberalisme, al te dominant wordt, zie je dat mensen zich tekortgedaan voelen. In het publieke domein moet je de neoliberale waarde van de markt niet belangrijker maken dan iets als samenwerking en continuïteit van zorg. We hebben een lange periode van geloof in de markt achter de rug. Ik denk dat het tijd is voor een nieuw verhaal. De overheid moet schild voor de zwakken zijn; hoeder tegen onrecht. Ik wil terug naar de geboortepapieren van de christendemocratie.”

Wat hem betreft kan het CDA met iedereen samenwerken, maar nooit meer met de PVV in coalitieverband. En ook niet met het Forum voor Democratie.

“Toen het CDA in 2010 moest beslissen of het met gedoogsteun van de PVV zou gaan regeren, heb ik voor gestemd”, zegt De Jonge. “Ze hadden een grote achterban en waren nog niet getest. Maar dat was geen succes, to put it mildly. Dat moeten we niet nog een keer doen. FVD is nog niet getest en ze hebben een grote achterban. Toch zie ik het niet gebeuren. De Rusland-flirt en de flirt met fout rechts maken het wel erg moeilijk om in een kabinet samen te werken.” Ook bepaalde naar het racisme neigende uitspraken van Baudet dragen ertoe bij dat De Jonge er geen vertrouwen in heeft. “Ik zie dat gewoon niet gebeuren. Dit maakt het onmogelijk om in een kabinet samen te werken.”

De vicepremier heeft wel waardering voor Pim Fortuyn die volgens hem ‘het taboe op de mislukte integratie’ doorbrak. “Het probleem werd weggeredeneerd. Nu kun je er in elke politieke partij over praten. Je moet problemen onder ogen zien en ermee aan de bak gaan.”